Erasmus Quellinus II (Antwerpen, 19 november 1607 - aldaar, 7 november 1678), ook genoemd Erasmus de Jonge, was een Vlaamse barokschilder, tekenaar, prentmaker en ontwerper van prenten en wandtapijten. Hij was een telg van de vooraanstaande kunstenaarsfamilie Quellinus, die vooral in Antwerpen werkzaam was.
Hij was een leerling van Peter Paul Rubens en een van de naaste medewerkers van Rubens in de jaren 1630. Na Rubens' dood in 1640 werd hij een van de meest succesvolle schilders in Vlaanderen. Hij was een productief tekenaar die ontwerpen maakte voor decoratieve programma's in het kader van officiële vieringen, voor publicaties van de plaatselijke uitgeverijen en voor wandtapijten en beeldhouwwerken die door de plaatselijke ateliers werden gerealiseerd. Zijn werk verraadt de classicistische tendens in de barok.Matthias Depoorter, Erasmus Quellinus II op de site van Barok in de Zuidelijke Nederlanden. Gearchiveerd op 1 maart 2023.
Levensloop Quellinus werd geboren in Antwerpen als zoon van de beeldhouwer Erasmus Quellinus I en Elisabeth van Uden.Erasmus Quellinus II op de site van het RKD-Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis. Geraadpleegd op 16 juni 2026. De familie Quellinus was een van de toonaangevende kunstenaarsfamilies in Antwerpen en bracht beeldhouwers, schilders en prentkunstenaars voort die carrière maakten in Vlaanderen en daarbuiten. Vader Erasmus Quellinus I, een beeldhouwer, was van Sint-Truiden naar Antwerpen verhuisd. De broers van Erasmus Quellinus de Jonge waren beiden kunstenaar: Artus (1609-1668) was een vooraanstaand barokbeeldhouwer en Hubertus (1619-1687) een graveur.Hans Vlieghe and iris Kockelbergh. "Erasmus Quellinus II" Grove Art Online. Oxford Art Online. Oxford University Press. Web. 5 september 2022 De familie aan moederskant was ook artistiek actief: zijn moeder's vader en broers (van wie Lucas van Uden de bekendste werd) waren allen schilder.Jean-Pierre De Bruyn, Pictor doctus, pictor Antuerpiae in:: Erasmus Quellinus in de voetsporen van Rubens, Musée de Flandre, Cassel, Snoeck, 2014, p. 15-26. Gearchiveerd op 26 februari 2023.Aert van Uden op de site van het RKD-Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis. Geraadpleegd op 16 juni 2026. thumb|290px|left|Slapende Cupido, ca. 1630, Museo del Prado, Madrid
Quellinus ging in 1633 in de leer bij Jan Baptist Verhaeghe, een obscure kunstenaar. In 1633-1634 werd hij meester van het Antwerpse Sint-Lucasgilde. In de jaren 1630 werkte en studeerde de kunstenaar waarschijnlijk in het atelier van Rubens en werkte hij regelmatig samen aan projecten met Rubens.Hans Vlieghe, Erasmus Quellinus and Rubens's Studio Practice, in: The Burlington Magazine, Vol. 119, No. 894, Sep., 1977, pp. 636-643 In 1634 trouwde Erasmus II met Catharina de Hemelaer, een nicht van Jan de Hemelaer, de diaken van de Antwerpse kathedraal. Hun zoon Jan Erasmus trad in de voetsporen van zijn vader en werd schilder.
Uit de aantekeningen die zijn zoon Jan Erasmus maakte in de marge van zijn exemplaar van Cornelis de Bie's boek met kunstenaarsbiografieën, getiteld Het Gulden Cabinet, is bekend dat Erasmus II een graad in de filosofie behaalde. Dit verklaart het feit dat hij een filosofisch traktaat schreef, getiteld Philosophia Erasmus Quellinus scripsit, dat werd opgenomen in de boedelbeschrijving van 1679. thumb|290px|Artemisia, 1652, Hunterian Museum & Gallery, Glasgow
In 1635 kreeg Quellinus zijn eerste belangrijke opdracht, het drieluik van de Verrijzenis gemaakt tussen 1635-40 voor het graf van de familie Van der Aa in de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal te Antwerpen (het middenpaneel nu in het Museum voor Schone Kunsten (Rijsel) en de zijluiken in het Musée d'Arts de Nantes). Het middenpaneel is Rubensiaans van aard: stoer gebouwde bewakers treden op in een barok drama met een compacte compositie. Matthias Depoorter, In de schaduw van Rubens - Erasmus Quellinus II in Kassel op de site van het OKV. Gearchiveerd op 8 september 2022.
Quellinus werd een vaste medewerker van Rubens vanaf 1635. Hij werkte eerst aan de versieringen voor de Blijde Inkomst in Antwerpen van de nieuwe landvoogd van de Habsburgse Nederlanden, kardinaal-infant Ferdinand. Rubens had de algemene leiding over dit project. Quellinus maakte voor dit project decoratieve schilderijen naar ontwerpen van Rubens. Zes van de schilderijen zijn bewaard gebleven. In de periode 1636-1638 kreeg Rubens' atelier een grote opdracht voor het maken van mythologische decoraties voor het jachtpaviljoen Torre de la Parada in de buurt van Madrid dat toen werd heringericht voor de Spaanse koning Filips IV. Voor dit project maakte Quellinus naar olieverfschetsen van Rubens, decoratieve schilderijen waarvan er enkele bewaard zijn gebleven zoals de Cupido op een dolfijn en de Ontvoering van Europa (nu in het Prado Museum). Deze werken tonen zijn bekwaamheid in het schilderen van dieren. Begin 1637 tekende Quellinus voor de Antwerpse drukkerij Plantijn frontispices volgens Rubens' aanwijzingen over iconografie en lay-out. Deze tekeningen waren in Quellinus' eigen stijl, want Rubens liet hem de vrije hand bij de vormgeving van de modelli.
Zijn broer Artus keerde rond 1640 vanuit Rome terug naar Antwerpen. Artus werkte in een classicistische stijl van de barok onder invloed van zijn landgenoot, de beeldhouwer François Duquesnoy, in wiens atelier in Rome hij gewerkt had. Deze stijl was op zijn beurt beïnvloed door het classicisme van Annibale Carracci. De twee broers zouden vanaf dat moment aan verschillende projecten samenwerken en elkaar wederzijds beïnvloeden. thumb|230px|left|Geboorte van Maria
Na Rubens' dood in 1640 werd Erasmus Quellinus een van de belangrijkste historieschilders van Vlaanderen. Hij kreeg veel opdrachten voor altaarstukken in de regio. Dit verklaart waarschijnlijk waarom in 1641 vier leerjongens bij hem in de leer gingen, gevolgd door nog meer leerjongens in de volgende jaren. In 1646 werkte hij een tijd in Luik. In hetzelfde jaar kreeg hij van het Antwerpse stadsbestuur de opdracht een cenotaaf te ontwerpen voor de kathedraal bij de gelegenheid van het overlijden van de Spaanse infant Balthasar-Carlos. In 1648 kreeg hij de opdracht om de versieringen te maken voor de Blijde Inkomst van aartshertog Leopold Wilhelm in Antwerpen. Daarbij vervulde hij dezelfde leidinggevende rol als Rubens 13 jaar eerder voor de Blijde Inkomst van Ferdinand. In hetzelfde jaar maakte hij de versieringen voor de aankondiging van de Vrede van Westfalen.
Rond 1656 werkte Erasmus in Amsterdam, waar zijn broer Artus verantwoordelijk was voor de sculpturele decoraties in het nieuwe stadhuis. Erasmus assisteerde ook aan de decoraties voor het stadhuis. De broers werkten ook samen aan andere opdrachten. Erasmus schilderde ook een aantal altaarstukken voor clandestiene katholieke kerken in Amsterdam.Erasmus Quellinus II, The Vision of St. Francis Xavier op de site van het Indianapolis Museum of Art. Gearchiveerd op 9 september 2022.
Zijn eerste vrouw overleed in 1662. Op 9 november 1663 trouwde hij met Françoise de Fren. De Fren was de dochter van de welgestelde André de Fren, secretaris van de Raad van Brabant, en de zuster van Isabella de Fren, die gehuwd was met de hofschilder David Teniers II. In 1665 ontwierp Quellinus een katafalk voor de overleden Filips IV van Spanje en de versieringen voor de Blijde Inkomst van Francisco de Castel Rodrigo| als landvoogd van de Habsburgse Nederlanden.
Quellinus overleed in Antwerpen op 7 november 1678. thumb|230px|Portret van een jongetje
Tot zijn leerlingen behoorden zijn zoon Jan Erasmus, Guilliam Forchondt (II), Julius de Geest, Willem de Ryck, Antoon Schoonjans, Wallerant Vaillant en Remacle Serin.
Werk Algemeen Quellinus was een veelzijdig kunstenaar die in verschillende genres werkte. Hij kreeg talrijke opdrachten voor altaarstukken met Contrareformatorische thema's voor kerken en kloosters in de hele Zuidelijke Nederlanden. Hij kreeg ook veel opdrachten van burgers, die hem in staat stelden zijn kennis te tonen in het uitbeelden van scènes uit de oude geschiedenis en mythologie en allegorische composities. Daarnaast maakte hij portretten, gevechtstaferelen en ontwerpen voor wandtapijten en beeldhouwwerken.Leon E. Lock, Flemish sculpture: Art and manufacture c.1600-1750. University College London, 2008, p. 196, 198, 250. Gearchiveerd op 17 juni 2023. Net als Rubens was Quellinus een pictor doctus (geleerd schilder) met een sterke basis in oude geschiedenis en filosofie. Hij had een uitgebreide bibliotheek en kunstcollectie opgebouwd. Deze geleerdheid wordt weerspiegeld in de uitgebreide onderwerpen van zijn werk. thumb|250px|left|Achilles met de dochters van Lycomedes, 1643, Groeningemuseum, Brugge
Zelfs toen hij in de jaren 1630 veel samenwerkte met de werkplaats van Rubens, ontwikkelde Quellinus een persoonlijke stijl, die zich onderscheidde van die van Rubens. Deze stijl doet denken aan de Antwerpse navolgers van Caravaggio, zoals Theodoor Rombouts en Gerard Seghers. Kenmerkend voor deze stijl is de sterke modellering van de vormen door een sculpturaal gebruik van licht. Quellinus' werk de Aanbidding der herders (in de Alte Pinakothek, München, 1652, vroeger beschouwd als een jeugdwerk uit 1632) is in deze Caravaggiaanse stijl uitgevoerd.Erasmus Quellinus II, Aanbidding der herders, 1652 gedateerd op de site van het RKD-Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis. Geraaspleegd] op 16 juni 2026.
In de vroege jaren 1640 toonde zijn werk de invloed van de verfijnde manier van schilder van Antoon van Dyck. Zijn Portret van een jongetje (Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen) werd ooit zelfs aan Van Dyck toegeschreven. Hij maakte een aantal kopieën naar Van Dyck en bezat ook enkele van zijn werken. Vanaf de jaren 1640 kreeg zijn stijl een classicistisch character en een plastisch uiterlijk. Erasmus reisde nooit naar Italië, zodat deze stilistische ontwikkeling waarschijnlijk werd beïnvloed door het werk van zijn broer Artus, die na zijn terugkeer uit Rome in 1640 zijn eigen stijl van classicistische barok in de Vlaamse beeldhouwkunst introduceerde. Beide broers beeldden in deze periode soortgelijke idealiserende antieke figuren uit in hun werk. Zijn Disputatie door de kerkvaders van het Heilig Sacrament (1646, Sint-Pauluskathedraal te Luik) is in deze stijl geschilderd. thumb|280px|Drie putti met een fruitmand en papegaaien
Vanaf ca. 1650 verstarde dit classicisme in zijn werk en maakten zijn composities uit deze periode gebruik van een beperkt aantal stereotype en geïdealiseerde figuurtypen. Deze stilistische ontwikkeling is duidelijk te zien in de interieurdecoraties die hij in samenwerking met zijn broer Artus uitvoerde voor het nieuwe stadhuis van Amsterdam. Bij deze opdracht bereikten de broers stilistische overeenstemming: het Oordeel van Salomon, dat Artus voor de raadszaal beeldhouwde, wordt herhaald in een schilderij van Erasmus. Deze ontwikkeling in de richting van classicistische strengheid weerspiegelt wellicht de invloed van de Franse kunst met haar voorkeur voor classicisme.